"Incensum" is Latijn voor wierook. Het verschijnsel dat onvermoed geuren tevoorschijn tovert uit eenvoudige rook, vertaalde zich in een nieuwe combinatie van ten hemel stijgende klanken.







Facebook INCENSUM
Zondag 8 december 2019 | 18.30 u
AALST | Binnenkoer Stadhuis

WERELDLICHTJESDAG


Plechtigheid ter nagedachtenis
van overleden kinderen

Zaterdag 14 december 2019 - Zondag 15 december 2019

DET ÄR EN ROS UTSPRUNGEN

Van Advent tot Driekoningen


Werken van
Jacobus Clemens non Papa,
Hugo Alfvén, Ruben Liljefors,
Franz Biebl, Jan Sandström,
Jonas Gedeshi, Michiel Verfaillie.

14/12 - 20 u | AALST - Jezuïetenkapel
15/12 - 15 u | BOVEN-LO - Kerk v/d Heilige Familie

uitvoerders:
vocaal ensemble incensum (Aalst)
Mannenkoor Terpander (Leuven)

Woensdag 25 december 2019 | 00.00 u
WETTEREN | Sint-Gertrudiskerk

MIDDERNACHTMIS



Zondag 2 februari 2020 | nm
AALST | Sint-Martinuskerk

INHULDIGING GLASRAMEN


Muzikale omlijsting van de inhuldiging
van twee nieuwe glasramen rond zorg en onderwijs

Zaterdag 14 maart 2020 | 18.00 u
BRUSSEL | Sint-Michiels-
en Sint-Goedelekathedraal

EUCHARISTIEVIERING

n.a.v. de zevende verjaardag van
het Pontificaat van Paus Franciscus

ALPHA ET OMEGA
polyfonie van voor de geboorte tot voorbij de dood


Alpha et Omega staat voor een muzikale reflectie over het bestaan, over de (on)eindigheid van het mensenleven. Binnen de traditie van het christendom en de aanverwante godsdiensten heeft de nietige mens, zoekend naar antwoorden op universele zijnsvragen, het geloof gevonden in hetgeen de aardse tijdelijkheid ver overstijgt en koestert hij de hoop om, over de dood heen, ooit deelachtig te worden aan een tijdloos bestaan in eenheid met zijn Schepper. Reeds meer dan twee millennia voelt de christen mens zich hierin gesterkt door zijn grote voorbeeld, de Mens Jezus die, ondanks een eenvoudige afkomst en een weinig benijdenswaardig kort leven in een maatschappij die Hem niet bepaald omarmde, vele miljoenen mensen ervan heeft kunnen - en nog steeds kan - overtuigen dat niet alleen het aardse leven, naast en met de medemens, de moeite waard kan zijn, maar dat er tevens voor eenieder uitzicht is op een eigen plek in het licht van de eeuwigheid. De talrijke verhalen over het leven van Jezus, van voor zijn geboorte tot voorbij zijn dood, hebben massa’s gewone mensen aangegrepen en zijn voor talloze kunstenaars steeds een bron van inspiratie geweest bij de creatie van hun artistiek werk. Getuige hiervan onder meer de greep uit de rijke muziekliteratuur die het Aalsterse vocaal ensemble incensum u ten gehore brengt.



ALPHA ET OMEGA
polyfonie van voor de geboorte tot voorbij de dood






Deel 1
Hierusalem surge (Heinrich Isaac)
Ave Maria (Francisco Guerrero)
Ne timeas, Maria (Tómas Luis de Victoria) 
Iesu dulcis memoria (Piae Cantiones, 16de e.) 
Resonet in laudibus (Orlandus Lassus) 

Deel 2 
Il sera pour vous / L’homme armé (Robert Morton) 
Missa L’homme armé a 4 – Kyrie (Cristóbal de Morales) 
Da pacem, Domine (greg.)
Missa L’homme armé a 4 – Agnus Dei (Cristóbal de Morales)
Stella splendens (Llibre Vermell de Montserrat, 14de e.) 

Deel 3 
De profundis (Josquin des Prez) 
Taedet animam meam (Tomás Luis de Victoria) 
In manus tuas (John Sheppard)
Nimphes des bois (Josquin des Prez) 
Unser Leben währet siebenzig Jahr (Johann Michael Bach)
Adoramus te, Domine (Cancionero de Montecassino, 15de e.) 
Also hat Gott die Welt geliebt (Heinrich Schütz) 

 


De alfa en de omega willen geen grenspalen zijn: het leven begint al voor de geboorte en eindigt niet bij de dood. Evenmin zijn ze onwrikbare bakens in ruimte en tijd waartussen de muziek van dit concert zich beweegt: weliswaar roept ‘polyfonie’ meteen de idee op van ‘renaissancemuziek uit onze contreien’, toch omvat het programma ook wat oudere gregoriaanse eenstemmigheid, naast enkele meer recente werkjes uit de vroegbarok. En evenmin bleef de muziekkeuze beperkt tot werk van componisten uit de Lage Landen, maar krijgen ook enkele Spaanse, Engelse, Duitse en Scandinavische tijdgenoten in Alpha et Omega hun plek.

Het concert bestaat uit drie programmadelen.Bij ieder luik van de triptiek legt incensum een verschillende thematische focus. In het eerste concertdeel wordt vol verwachting uitgekeken naar de geboorte van Jezus, lang aangekondigd aan de wereld en aan het schuchtere meisje dat zich ooit Zijn moeder zal mogen noemen. Eens Hij Mens onder de mensen is geworden, is de ervaring om door Hem geliefd te zijn een onuitputtelijke bron van blijheid voor elke gelovige. Het vreugdevol gejuich om zijn geboorte mag dan ook wereldwijd weerklinken.

Het middendeel gaat dieper in op het aardse leven van de mens, die - hoe jammer ook - vaak in onmin leeft met zijn soortgenoten en die, eens tot het inzicht gekomen dat strijd niet het zaligmakende middel is om, al dan niet met de hulp van God, zijn doelen te realiseren, zich berouwvol tot diezelfde God richt en Hem om ontferming en mededogen smeekt. ‘Vriendschap’ en ‘verdraagzaamheid’ blijken doorheen de tijden, tot op vandaag, vaak loze begrippen te zijn. Het eigen gelijk en de vermeende suprematie van de eigen religie werd en wordt nog steeds aangegrepen om elkaar het leven zuur te maken. Als het besef groeit dat enkel vrede, en niet het zwaard, rust en voorspoed brengt voor mens en samenleving, dan passen inkeer, berouw en boete. Eeuwenlang was de bedevaart een van de middelen om hieraan uitdrukking te geven. Mensen uit alle lagen van de maatschappij ondernemen een pelgrimstocht om over God of het leven na te denken, om vol deemoed een gunst of genezing af te smeken, om respect te betuigen tegenover God of Zijn heiligen, om boete te doen na begane misstappen.

Het derde luik van het programma biedt stof tot overpeinzing rond het thema van de dood. Niemand ziet graag zijn levenseinde tegemoet, maar berusting en hoop kunnen louterend zijn. Twee werken uit het dodenofficie, de traditionele liturgie van een dodenwake tijdens de avond en nacht die aan de dodenmis en de begrafenis voorafgaan, illustreren treffend de bede van de zondige sterveling tot God, waarin hij Hem vanuit zijn diepe ellende om ontferming smeekt en Hem vraagt om hem niet te veroordelen en Zich niet van hem af te keren. Een kort responsorium uit de passietijd herinnert met de woorden In manus tuas, Domine, commendo spiritum meum aan de berusting waarmee de Mens Jezus zijn laatste adem uitblies, maar tevens aan het vertrouwen waarmee de gelovige mens, bij monde van de psalmist, in zijn stervensuur zijn toevlucht zoekt bij God, de Verlosser. Minder bijbels verheven, maar daarom niet minder oprecht en aangrijpend, is de elegie die Josquin des Prez ruim vijfhonderd jaar geleden componeerde bij het overlijden van zijn illustere voorganger Johannes Ockeghem. Hij roept de jongere generatie Vlaamse polyfonisten op om zich te hullen in diepe rouw, want allen hebben ze hun geestelijke vader en muzikaal voorbeeld verloren. Niettemin weerklinkt in de cantus firmus doorheen dit motet de hoop die in elke uitvaartliturgie wordt uitgezongen: Requiem aeternam dona eis, Domine, et lux perpetua luceat eis.

In de laatste drie werken van het programma nemen de positieve geluiden van troost, dankbaarheid en hoop steeds nadrukkelijker de bovenhand, en verdwijnen smart, verdriet en droefheid geleidelijk volledig naar het achterplan. Aanvankelijk zijn de beide registers nog zeer expliciet aanwezig: tegen een meerstemmige achtergrond van droevig en gelaten mediteren over de vluchtigheid en de nietigheid van het harde leven weerklinkt in een eenstemmige koraalmelodie de bede van de mens tot God om een rustig heengaan, om een ereplaats in het paradijs en finaal om de opwekking uit de dood. Vervolgens wordt de figuur van Jezus Christus bejubeld in een majestueuze lofzang: christenen geloven dat Hij als Verlosser in de wereld is gekomen en de schuld voor de zonden van de mensheid door zijn kruisdood en verrijzenis op zich heeft genomen, waardoor de sinds de zondeval verstoorde relatie tussen God en de mens opnieuw hersteld wordt. Tot slot weerklinken, in een vroegbarokke zetting, de woorden van Jo.3:16, de kernachtige samenvatting van de hoopvolle boodschap van het evangelie.